Stine Jensen (1972, Denemarken) emigreerde op jonge leeftijd naar Nederland. Ze studeerde af in de literatuurwetenschappen (cum laude) en de filosofie. Van haar hand verschenen onder meer Turkse vlinders. Liefde tussen twee culturen (2005, Prometheus), Aapverhalen (2004, Wereldbibliotheek), Waarom vrouwen van apen houden. Een liefdesgeschiedenis in cultuur en wetenschap (2002, Bert Bakker, tevens dissertatie), De verlangenmachine. Over vrouwen in de popmuziek (2001, Prometheus).
Ze combineert haar academische werk als docent literatuurwetenschap aan de Vrije Universiteit van Amsterdam met diverse journalistieke activiteiten. Zij is literatuurcriticus Britse fictie en non fictie voor NRC Handelsblad en publiceerde daarnaast interviews met auteurs, en diverse artikelen over film, populaire cultuur en literatuur in NRC Handelsblad . In het damesglossy La Vie en Rose heeft ze een boekenrubriek. Daarnaast publiceerde zij in onder meer De Gids, Armada, Biografie Bulletin, Hollands Maandblad, Marie Claire en Filosofie Magazine .
Centrale thema's in haar journalistieke publicaties zijn: beeldvorming van vrouwelijkheid, mannelijkheid, de multiculturele samenleving en etniciteit, liefde en seksualiteit.
Ze maakt deel uit van de redactie van Armada. Tijdschrift voor wereldliteratuur . Ze schuift regelmatig aan bij het programma Desmet Live.
Ze is columnist bij NRC Handelsblad.
In december 2004 werd ze door Vrij Nederland uitgeroepen tot een van de acht beste jonge filosofen in Nederland.

English text >