Zelf literair detectiefje spelen
NRC Handelsblad

  

En ook ik heb de zaak Holloway opgelost! Liggend op de sofa, omringd door een stapeltje Holloway-boeken en gewapend met verschillende interpretatietechnieken uit de literatuurwetenschap, kreeg ik mijn formidabele prestatie voor elkaar. Het zit zo: Joran liegt de waarheid. En Natalee is opgepeuzeld door de haaien die ze zo graag wilde zien. Ik licht mijn bevindingen nader toe.

De zaak Holloway is, behalve een media-hype, ook een boekenoorlog. Vader en moeder Holloway kwamen ieder met een boek. Het boek van Beth Holloway heet Loving Natalee. A Mother's Testament of Hope and Faith. Vader Dave Holloway schreef Aruba: The Tragic Untold Story of Natalee Holloway and Corruption in Paradise. En Joran van der Sloot publiceerde in april 2007 een boek uit onder de titel De zaak Natalee Holloway. Mijn eigen verhaal over haar verdwijning op Aruba. Alle drie lieten hun verhaal optekenen door een journalist (de vader zelfs door twee). Dan zijn er derden die geen verdachte of direct betrokkene zijn in de zaak en hun bevindingen boekvorm publiceerden. Ze variëren van journalistieke observaties tot meer speculatieve interpretaties. De opmerkelijkste is Into the Deep: The Hidden Confession of Natalee's Killer door de klinisch psycholoog Andrew G. Hodges. Hij noemt zichzelf een 'mind detective' die gespecialiseerd is in psycholinguïstiek: hij leest 'tussen de regels' van forensische documenten en creëert zo een fictieve bekentenis van de moordenaar.

            In misdaadboeken zijn twee perspectieven mogelijk: dat van het slachtoffer en dat van de (vermeende) dader. Daderboeken kunnen de nadruk leggen op een bekentenis plus uiteenzetting van de daad (I did it and this is how I did it), een het-spijt-me (I did it and I am so sorry) een bekentenis met zeer veel aandacht voor verzachtende omstandigheden (I did it, but…) of gericht zijn op rehabilitatie (I didn't do it). O.J. Simpson voegde daar een nieuwe variant aan toe door een If I did it te schrijven. De Amerikaanse uitgever besloot het boek om ethische redenen en na een rechtzaak niet uit te geven, maar de familie van het slachtoffer publiceerde het uiteindelijk toch omdat het de schuld van Simpson in hun ogen nog overtuigend vaststelde. In het Nederlands verscheen het als If I did it. Bekentenissen van de moordenaar. Uitgegeven en toegelicht door de nabestaanden. Er zit ook een inleiding van de ghostwriter bij. Een bloedstollend goed geschreven boek trouwens, dat álle bovenstaande perspectieven en typen 'true crime' bij elkaar in één boek brengt.

            Het boek van Joran van der Sloot is een merkwaardige mix van een rehabilitatieboek en een 'het spijt me'-boek inéén. Joran verklaart dat hij 'weliswaar geen engeltje, maar geen moordenaar is' en hoopt dat de zaak wordt opgelost zodat hij 'gerehabiliteerd' kan worden. Maar hij wil ook zijn spijt betuigen omdat hij 'zich schuldig heeft gemaakt aan leugens'. Dat spijtgedeelte laat zich opsplitsen in 'excuses' en 'volledige verantwoordelijkheid', en spijt met erg veel verzachtende omstandigheden voor zijn leugenachtige gedrag (zo doet een normale tiener, omstandigheden in de gevangenis zijn slecht, als ook de behandeling door de politie, en anderen liegen ook, zoals Natalee die tegen haar moeder beweerde dat ze nooit dronk of seks zou hebben gehad, of Larry Garrison die via slijmbrieven Joran tot een filmproject probeert te verleiden, maar in feite met de vader van Natalee een boek schrijft en e-mails van Joran probeert af te troggelen voor dat boek).

            Goed. Ik vleide ik mij op de bank met een 'sloot' boeken. Close-reading is een interpretatietechniek in de literatuurwetenschap waarbij je heel precies leest. Het is zoiets als minutieus lezen met een potlood in je handen. Je onderstreept significante woorden, let op herhalingen, tegenstellingen, overeenkomsten, woordkeuze, dubbelzinnigheden, associatieketens, open plekken, de raadselachtigheden, verwijzingen en samenhang binnen de tekst zelf. Uiteindelijk probeer je zo tot een interpretatie van de tekst te komen. Maaike Meijer kwam via deze close-reading techniek ooit tot de conclusie dat Neeltje Maria Min over incest had gedicht. Deze was woedend - onterecht naar mijn mening, want niet de dichter maar haar tekst en de betekenismogelijkheden daarvan lagen op de sofa.

In moeder Holloways boek draait het - zie ook de titel - steeds om hetzelfde kluitje woorden: 'hope', 'faith' en 'God'. Vader Holloway - zie alweer ook de titel- is somberder en achterdochtig: bij hem cirkelde ik steeds 'tragic', 'captive', 'conspiracy' en 'corruption'. Maar nu Jorans boek. Na enig cirkelen van terugkerende associatieve woordenketens, begon het me te duizelen. Hoewel het boek is opgezet als rehabilitatieliteratuur en het retorisch daarop is gericht ('ik ben een normale tiener', 'doorsneejongen', 'Ik kwam ter wereld als een kleine boeddha met zwart haar en een plat neusje') ), buitel je voortdurend over de woorden 'fout', 'schuld' en 'liegen' heen, vreemdgenoeg vaak in combinatie met 'open', 'waarheid' of 'eerlijk'. Voorbeeld: 'Ik zal elke leugen ontleden, in de hoop de mensen te doen begrijpen wat de waarheid is' of 'Ik heb gelogen, en dat is de waarheid'. De Kretenzer Epimenides zou er een puntje aan zuigen. 'Alle Kretenzers zijn leugenaars' is zijn paradoxale uitspraak. Omdat hij zelf Kretenzer is, liegt Epimenides. Maar dat betekent dat hij de waarheid spreekt over Kretezeners! Logici hebben zich er het hoofd over gebroken: iemand kan tegelijkertijd een ware en een onware uitspraak doen.

Er is nog iets verwarrends. De type teksten in Jorans boek zijn allen op authenticiteit en geloofwaardigheid gericht: dagboekfragmenten van Joran, verhoren van de politie, interviews met betrokkenen, verklaringen van getuigen. Maar al de fragmenten spreken elkaar inhoudelijk voortdurend tegen, zodat je als lezer voor een puzzel komt te staan: welke is de waarste onder de ware teksten? Bret Easton Ellis formuleerde ooit een schitterende Kretenzisch-achtige schrijversparadox: hoe leugenachtiger de mogelijkheden van het genre, hoe eerlijker hij werd en vice versa: 'Een roman gaat over wat zich in ons onderbewustzijn afspeelt. Schrijven is voor mij niets anders dan je onderbewustzijn verkennen. […] Daarom kan ik nooit zo eerlijk zijn in een autobiografie als in een roman. Na Glamorama vertelde ik overal dat ik mijn jeugdherinneringen ging opschrijven, en ik moet bekennen dat ik dat ook even heb geprobeerd. Het sloeg helemaal nergens op! Het was belachelijk, ik zat de hele tijd te liegen!' aldus Bret Easton Ellis in een interview met Bas Heijne in M. Magazine.

En zo bleef ik steeds maar haken in Jorans ware leugenbekentenissen, in zinnen als deze: 'Ik wil de politie bellen, maar mijn mobiele telefoon is net kapot – ik had hem in bad laten vallen.' En die haaien? Mijn potloodje heeft hem zes keer omcirkeld: 'Ze wilde haaien zien.'

Uit O.J. Simpsons If I did it. Bekentenissen van een moordenaar blijkt dat er een sleutelrol is weggelegd voor de ghostwriter of de journalist die het verhaal optekent. Die ordent, kiest en bouwt het verhaal retorisch zo overtuigend mogelijk op. Die liegt de waarheid. Het wachten is op de nieuwe editie á la Simpsons boek, met een openhartig voorwoord van Zvezdana Vukojevic, de journaliste die Jorans verhaal optekende.

 

Van der Sloots boek is uitverkocht (15.000 verkochte exemplaren), en er komt geen nieuwe editie. Het huidige boek beschouwt de uitgeefster als 'gedateerd', in de zin dat het niet compleet is wat gebeurtenissen betreft. Misschien komt er in een later stadium, als er meer bekend is in de zaak, een herziene of aangevulde editie. Ze typeert het boek als 'narratieve non-fictie': de feiten moeten kloppen, en die breng je verhalend.  

Paul Sebes, de literair agent die destijds het boekvoorstel verkocht aan Sijthoff, staat mij telefonisch te woord vanaf zijn vakantie aan het strand op Sevilla. Als literair agent krijgt hij binnen de categorie 'true crime' de meest merkwaardige dingen aangeboden, waaronder 'ik-heb-het-niet-gedaan-en-zit-nu-onschuldig-vast'-verhalen. Hij oordeelt in principe niet over het waarheidsgehalte van een boek - 'ook moordenaars mogen een boek schrijven' - maar of het een goed geschreven is en of hij iemand over de vloer wil – 'je moet er wel een tijd mee samenwerken'. Klinkhamers Woensdag gehaktdag wees hij bijvoorbeeld af omdat hij het niet goed genoeg geschreven.